Weg met die vechtcultus

Ik las een goed artikel in De Morgen met de titel ‘kankerpatiënten mogen ook gewoon mopperen’. Het gaat over de strijdtaal die veel gebruikt wordt in de wereld van kanker. Allerlei organisaties bezigen leuzen als “vechten tegen kanker” en “opgeven is geen optie” Maar echt, je hebt er zelf geen controle over. Als patiënt valt er weinig te vechten. En… ben je dan niet strijdbaar of moedig genoeg geweest als je er toch aan overlijdt?

Het probleem met de vechtcultus die ontstaan is rondom de behandeling van kanker, is dat deze insinueert dat mits er ‘hard gevochten wordt’ alles weer wordt zoals vroeger.

Maar het wordt nooit meer als vroeger! Kanker overkomt je en laat altijd zijn sporen na. Het beste ga je er mee om zoals je bént, dat is de strekking van dit artikel.

En ik zeg: stop met die vechtcultus!

P.S. Ik vond nog een goed artikel over dit onderwerp in het NRC. Dr. Schelto Kruijff, chirurg oncologie bij het UMCG, zegt daarin: “In tegenstelling tot andere historische gevechten tegen ziekten als tuberculose of het HIV-virus is het met kanker anders gesteld. Die ziekten vormden een aanval van buitenaf. Kanker daarentegen zit in ons zelf.”

Stop met die vechtcultus!

Pijnlijke hobbels bij het controlebezoek

Dinsdagavond 16 mei

Morgen staat het bezoek aan de hematoloog in de agenda. Maar deze avond heeft Henny opeens hevige pijn in zijn buik. Het lijkt op een niersteenaanval, zoals hij al vaker gehad heeft. Nadat hij eerder op de dag al wat paracetamolletjes slikte omdat hij zich niet helemaal lekker voelde, neemt hij ’s avonds ook nog wat naproxen. Deze pijnstillers – waar ik niet zo’n fan van ben – helpen meestal het beste. Gelukkig neemt na een poos de pijn af, waarmee ons dilemma ‘dokter bellen of niet’ vervalt. Hierna slaapt hij gewoon lekker de hele nacht door.

Woensdag 17 mei

In de spreekkamer zegt de hematoloog dat ze tevreden is over de meeste bloedwaarden, behalve over een aantal waarden die onder andere met de lever te maken hebben. Sommige waarden zijn namelijk opeens extreem veel hoger dan gebruikelijk. Hoewel ze denkt dat de pijnstillers dit veroorzaakt kunnen hebben, vindt de hematoloog de uitslagen toch dermate zorgelijk dat ze wil dat Henny volgende week opnieuw bloed laat prikken.

Maandag 22 mei

Deze ochtend gaat Henny opnieuw langs de polikliniek om bloed te laten prikken. ’s Middags belt de hematoloog op met de uitslag: ze is opgelucht om te zien dat de betreffende waarden inmiddels behoorlijk gedaald zijn. Nog niet helemaal terug op het eerdere niveau, maar geruststellend genoeg. Er hoeft geen verder onderzoek gedaan te worden. In september gewoon terugkomen voor de 4-maandelijkse controle.

Wat een paar pijnstillers zoal met je lijf doen, is best eng eigenlijk. Want het was echt niet méér dan de meeste mensen gebruiken als ze pijn hebben en zeker het niet maximum dat je volgens bijsluiter mag gebruiken.

We zijn ons weer even bewust geworden van het feit dat bij het minste of geringste de alarmbellen afgaan. En ook dat het op een keer geen ‘vals alarm’ zal zijn.

Stil, hij slaapt!

Het is alweer mei, de tijd vliegt! We werken, slapen, eten, drinken en gaan af en toe lekker uit. Vorige maand een heerlijke vakantie gehad, samen met vrienden, op Lanzarote. Alles kan gewoon en het is net of dat beest, genaamd leukemie, er niet meer is.

Het beest is er natuurlijk wel, maar ssssstt hij slaapt.
Over twee weken is weer het uur van de waarheid: afspraak bij de hematoloog op 17 mei.
Slaapt hij echt nog of is hij alweer aan het wakker worden? Sssssttt!!!

De eerste controle in 2017

Vorige week dinsdag stond er opnieuw een controle gepland bij de hematoloog, de eerste controle in 2017. De vorige was alweer 4 maanden geleden. Time flies.

Na het bloedprikken gaat het bloed per buizenpost naar het lab en dan is het wachten op de hematoloog. Zij heeft dan de resultaten al gezien wanneer ze ons komt halen. Tijdens haar begroeting en de wandeling door de gangen naar haar spreekkamer valt aan haar gezicht en houding niets af te lezen over de uitslag van het bloedonderzoek.

En? Hoe was het in Cuba?

Ze laat ons zoals altijd netjes voorgaan de spreekkamer in. Waarbij ze normaal gesproken het gesprek altijd opent met: “hoe gaat het?” zei ze nu: “en? hoe was het in Cuba?”.

Nadat we even over onze reis naar Cuba hadden gesproken, waarbij we o.a. ook over de grote armoe vertelden, ging ze de uitslagen met ons bespreken: “Het ziet er allemaal goed uit. De cijfers en de onderverdeling zijn precies zoals we willen hebben. De medicatie, het is ruim 1½ jaar geleden *) heeft goed haar werk gedaan.”

Die Trump zal er wel voor zorgen dat ze voorlopig nog arm blijven

Vervolgens het lichamelijk onderzoek. Terwijl ik op de behandeltafel ga zitten en zij de stethoscoop aan haar oren doet, zegt ze nog: “die Trump zal er wel voor zorgen dat ze voorlopig nog arm blijven in Cuba”. Voordat ik daarop kon antwoorden zei ze: “ja, zucht maar even”. En na grondig onderzoek was dat ook allemaal goed.

Tot over 4 maanden.

*) Achteraf hadden we pas in de gaten wat zij met “ruim 1½ jaar geleden” bedoelde. Wanneer de leukemie binnen 1½ jaar weer terug zou komen, dan had de medicatie niet het gewenste resultaat bereikt en zou een andere behandeling moeten volgen.

Alle goeds voor 2017 gewenst

31 december 2014 – op de dag af 2 jaar geleden – werd ’s morgens een beenmergpunctie afgenomen in het kader van onderzoek om de voorlopige diagnose CLL te kunnen bevestigen.
De eerste helft van 2015 stond in het teken van de RFC-behandelingen en in de tweede helft zien om de weerstand & conditie weer op niveau te krijgen.

In vergelijking hiermee was 2016 een piece of cake

In een brief aan de huisarts schreef de hematoloog in september 2016: “Samenvattend is er bij patient ruim een jaar na afronden van de behandeling met R-FC kuren voor een B-CLL met een ongunstig risicoprofiel sprake van een voortdurende remissie/rustige situatie.”

Alle goeds voor 2017 gewenst.